Breng steeds weer de menselijkheid in de zorg

Wim was dronken en had een raam ingeslagen. Hij kreeg kort daarop een enorme ruzie met een paar medebewoners die hij uitschold. Een van deze medebewoner bleef hem uitdagen en ik probeerde met twee collega’s de situatie onder controle te krijgen. Na tien minuten schreeuwen en dreigen duwde ik Wim zachtjes zijn kamer in. Hij begon te huilen en dat was het moment dat ik dacht, aha herstelgericht luisteren.

Ik ging naast hem op het met bloed besmeurde bed zitten en legde mijn hand op zijn rug. Ik voelde verdriet en een troostende emotie. Ik was er voor hem als mens en even niet als hulpverlener die een situatie moet controleren. Ik voelde ruimte om te luisteren en Wim gaf zich over aan zijn verdriet.

Mijn lichaam ontspande en tegelijk was er een alertheid dat hij niet weer naar buiten zou gaan waar mijn andere collega stond met de andere boze bewoners. Wim begon op gang te komen, hij vertelde dat hij zich zo alleen voelt en het gevoel heeft dat zijn medebewoners hem steeds pesten. Zijn pijn en machteloosheid kon ik letterlijk voelen. In zijn verhaal kon hij ineens opstaan en richting de deur lopen. Ik voelde dan in mezelf de spanning en angst dat hij weer het conflict in zou stappen. Ik was voortdurend mijn eigen sensaties aan het registreren en ervaren. Ik bleef op zijn bed zitten, riep zijn naam en instrueerde hem terug te komen. Hij luisterde gelukkig en dan zaten we daar in stilte of ik luisterde en herhaalde zijn laatste woorden. Ik begon hem te begrijpen, waarom hij het raam had vernield, waarom hij ruzie zocht. Wim werd steeds rustiger, omdat hij zich gehoord en begrepen voelde. Uiteindelijk duurde het een kwartier en kwam de rol van hulpverlener weer langzaam terug. Ik heb zijn bed verschoond, zodat hij lekker kon slapen en duidelijke afspraken gemaakt voor die avond. Mijn collega verbond zijn wonden van het glas.

Voor een client en een hulpverlener is het de kunst om steeds te schakelen van mens zijn, naar client of hulpverlener zijn en allerlei andere rollen die in het leven te bedenken zijn. De volgende ochtend toen ik hem tegenkwam voelde ik dat onze band verdiept was. We hadden elkaar werkelijk ontmoet.