Gisteren sprak ik met een client die een paar dagen uit de kliniek is gekomen na een heftige psychotische episode. Hij voelde zich verslagen door de ziekte. De eerste keer twee jaar geleden had nog zoiets van; ik ga deze ziekte overwinnen. Nu na deze ervaring is dit strijdbare gevoel weg. Het geeft een vlak en lusteloos gevoel. 

Door goed te luisteren en vragen te stellen kom ik langzaam in zijn complexe wereld. Ik begin me als hulpverlener ook steeds machtelozer te voelen, omdat het lijkt alsof ik hem niet echt kan helpen. Vragen zoals; wat is nu mijn toekomst, hoe wordt ik weer zoals ik was voor deze psychose, wat is nu het effect van de medicatie en wat van mijn eigen lichaam en geest. Niemand kan hem vertellen wat het verloop zal zijn. Zelfs de psychiater en de spv’r niet. Het medicijngebruik bij schizofrenie is als een schot hagel, niemand weet precies hoe het werkt. Het is trial and error en hopen op een goed resultaat. Zijn nieuwe medicatie heeft onder andere als bijwerking dat hij eten niet meer zo lekker vindt als voorheen. 

Op een gegeven moment doe ik de suggestie om leuke dingen te doen en tijd te nemen om te herstellen van deze intensieve periode. Hij antwoord dan met de vraag, wat zijn leuke dingen? Ik voel niets.

Het is ook een gestudeerde jongen met een gezonde intelligentie. Hij kijkt naar de maatschappij en ziet de onzin van hoe wij met zijn allen bezig zijn. Ik doe nog een suggestie om geen tv te kijken maar podcasts te luisteren met inspirerende mensen zoals Elon Musk en Jordan Peterson. Hij heeft dan zoiets van, ja al die mensen zeggen in de kern niets nieuws. Ik heb het allemaal wel gehoord. Ergens kan ik dan meegaan in zijn denkwijze. Zelfs die zogenaamde inspirerende interviews zijn een vorm van vermaak.

Ik kom tot de conclusie dat suggesties geven voor een beter gevoel niet werkt op dit moment. Daar zitten we dan samen. Er vallen lange stiltes. We voelen ons beiden machteloos. Op een gegeven moment geef ik aan dat ik naar de overdracht wil. Dan zegt hij, blijf nog even, ik vind het fijn dat je er bent. Dan breekt mijn hart en laat ik alle bedrijfsregels los. Wat is nu echt belangrijk? Er zijn voor hem.